Met een onzeker gevoel reis ik vrijdag af richting Huy, voor de Gran Fondo Eddy Merckx. Vorige week in de Trois Ballons reed ik niet goed, later in de week begon ik mij wat beter te voelen. Het kan alle kanten op.
Mooi op tijd sta ik in het bevoorrechte startvak, bij de eerste 100 starters. Dat maakt het eerste deel van de koers wat minder hectisch. Nu helemaal, direct na de startboog gaat het rechtsaf de Long Thier op, een klim van 1400m aan 8%. Dat zorgt voor een goede selectie.
Het veld valt uit elkaar, ik weet me bij in de voorste groep te handhaven. De volgende klim, 11 kilometer verder, lukt dat ook nog. Dan volgt een verschrikkelijke afdaling. Glad van de regen, vol met gaten in het asfalt. Voor mij gaan twee renners onderuit en de motor die hen probeert te ontwijken glijdt ook weg. Het peloton breekt en we blijven met een groepje van een man of 20 over. Voor ons zie ik de rest van verbrokkelde peloton wegrijden.
De volgende hellingen heb ik wat moeite om een goed tempo te vinden, tot ik op de Cote de Chambralles echt moet lossen. Op de top kom ik twee renners tegen, waarvan een mij aanspoort mee te rijden om het groepje voor ons weer bij te halen. Een van de renners draait niet goed mee, maar ook met twee man rijden we het gat dicht.
De samenwerking in de groep is niet al te best, maar het rijdt beter dan alleen. Ik zie dat de mannen om mij heen het steeds moeilijker krijgen, terwijl ik mij met de minuut beter voel. Als we in de volgende bergzone aankomen en ik na op kop de klim heb genomen achterom kijk ben ik alleen over.
Even twijfel, zal ik wachten? Nee, ik voel mij nu zo sterk dat ik doorrij. 10 kilometer verder kom ik het volgende groepje tegen en het verhaal herhaalt zich. Ondertussen rij ik op het deel van het parcours waar ook de korte afstand rijdt. Dat geeft extra motivatie, het inhalen van al die renners.
Af en toe haakt er iemand bij mij aan, maar van kop over kop rijden komt het niet. Pas in de laatste kilometers sluit er een renner aan, maar dan is dat niet meer nodig. De Muur van Huy doemt al op, de laatste beklimming.
Vliegend op het idee van een goede uitslag rij ik de muur op. Haal links en rechts fietsers in en vind de klim wel meevallen. Haal nog een andere Gaul! renner in en zet bovenop nog aan voor een sprintje.
Volgens de Garmin de 5.45u gereden, 30,5km/u over 175km. Uitslag volgt later, maar heb in ieder geval goud* gehaald.
*) In cyclo’s wordt vaak, naast een algemeen klassement, ook een wat algemener overzicht gemaakt. Al naar gelang je eindtijd en leeftijd val je in de goud, zilver of brons categorie. Niet dat dit veel zegt: bij de 3 Ballons lag de grens voor goud in mijn leeftijdscategorie 3 uur na de winnende tijd, in de GFEM op iets meer dan een half uurtje.






