Fietschallenge

May 3rd, 2010

Zondag 2 mei 2010, de dag van de Shimano Fietschallenge. Weervoorspelling is slecht. 99% kans op regen in grote hoeveelheden. Stephan en Paul zien de bui al hangen en haken af voor we naar Limburg vertrekken. Samen met Lennard vertrek ik naar het Zuiden.

Zaterdag is het nog goed weer en verkennen we het parcours. Er is een mooi rondje uitgezet van 22,5km met 5 beklimmingen. Sommige liggen me wel, andere moet ik goed doorbijten. Toch heb ik er vertrouwen in, het doel is een top 50 plaats.

Zondagochtend 10 voor 6 gaat de wekker. Krappe planning met de start om 7 uur. De eerste race van de dag wordt al gelopen en 10 voor 7 staan we aan de start, met zo’n 150 man voor ons. Dat wordt inhalen in de eerste klim. Gelukkig is het nog droog.

De speaker roept de laatste info om, de eerste drie rondes worden geneutraliseerd. Met 300 man achter motoren en een auto aan. Een kreun gaat door het peloton. Neutraliseren klinkt mooi, geen koers, maar juist dan wordt er zenuwachtig gereden. Veel mannen op een smalle weg, waar niemand uit weg kan, dat is vragen om ongelukken.

Na de start wordt er meteen geklommen naar het hoogte punt van Nederland. Lekker wakker worden zonder koffie. Als we boven komen hebben flink wat renners moeten lossen. De groep dunt goed uit, zo is een neutralisatie niet erg.

Ik volg goed tussen de wielen. Ondertussen begint het wat te druppelen en raakt de weg nat.

Na een paar ronden gaat het tempo omhoog en begin ik te kraken. Mijn klimkwaliteiten zijn afgelopen maanden erg verbeterd, maar dit gaat mij te snel. In een afdaling hoop de ik weer de aansluiting met het peloton te maken, maar voor mij zie ik niets anders dan lege weg. Gelost.

Achter mij rijden wat renners en ik besluit te wachten. Samen staan we sterker. De groep wordt steeds groter en met rond de 20 renners gaan we de laatste ronde in. Dat is teveel, weet ook de renner naast mij, en hij geeft gas. Ik spring mee, achter me hoor ik kettingen over tandwielen klateren en we zijn weg, met 10 man over.

De volgende klim brengt weinig verandering, behalve in het weer. Het regent nu echt goed door. Ik merk er niets van. Op weg naar het Vijlerbos dunt de groep verder uit en blijven we met 6 man over. Een paar keer probeer ik weg te rijden, maar tevergeefs, ik krijg de mannen er niet meer vanaf.

De laatste klim komt er aan, voor het laatst naar het Drielandenpunt. Een van de zes springt weg. Ik laat hem 15 meter rijden en zet dan vol aan. Een, twee, drie zware trappen en zit in zijn wiel, vier, vijf trappen en ik ben hem voorbij. Ik kijk op, een renner in het zwart zit bijna in mijn wiel. Tandje erbij, trappen, trappen tot ik niet meer kan. Geen tijd voor omkijken rij ik naar de vlakke top. Een sprint met twee, dat kan ik wel aan.

De helling vlakt uit, ik schakel naar het grote blad en hoor niets achter me. Ik kijk om en zie niemand. De hele groep eraf gereden in de klim. Bang op een onverwachte terugkomst pak ik het stuur in de beugel en sprint ik naar de finish. 13 seconden voor de renner in het zwart kom ik over de streep.

Plts   StartNr   Naam   Ronden   Tijd   SnelhGem  
60   225   Ronald van Herp   6   04:48:00   29,63  

Plaats 60. Niet volgens de doelstelling, maar erg voldaan. Goed gekoerst en vooral de laatste ronde erg sterk gereden. Niets vergeleken met Lennard die op plaats 18 eindigt, maar voor mijn doen een erg goede koers gereden.

Ondertussen schijnt de zon op het plein bij de start, waar ik eindelijk mijn eerste kop koffie van de dag drink en wat opwarm na een natte koude laatste afdaling na de finish. Heerlijk voldaan.

Klassestrijd

March 27th, 2010

Vandaag staat de Ronde van Rijswijk op het programma. Gesponsord door BikeZone, mijn fietsenmaker. Deze wedstrijd kan ik niet overslaan.

Het amateurwielrennen is in klasse’s onderverdeeld. Elite, Amateur-A, B en C. Bij het regioveldrijden ben ik op leeftijd in de hoogste A categorie ingedeeld, de keuze bij het wegrennen is vrij. Ik heb gekozen voor amateur-B.

Normaal rijden we bij de B onze eigen koersen, maar niet vandaag. Er start een groot peloton van 120 man, met A, B en C renners. Ik reis af naar Rijswijk zonder hoge verwachtingen.

Bij het inrijden zie ik het al. Veel jonge A renners, uit heel het land. Voorin rijden en zien hoelang ik het vol hou, dat is het plan.

Al voor de start gaat loopt het spaak, 10 minuten voor het startschot stellen de eerste renners al op, terwijl ik mijn beenstukken uittrek op het terras. Achteraan aansluiten.

Direct na het startschot zit het tempo er goed in. Ik verstop mij in het peloton. Vijf rijen dik met 40km/u door de bocht, dat is wennen. Na een kwartier heb ik dat door (niet remmen!) en gaat het koersen wat makkelijker.

Toch zak ik langzaam door het peloton. Aanklampen. Af en toe wat plaatsen naar voren. Er er weer doorzakken. En aanklampen.

Achter mij waaien er wat mannen af en ik word het laatste wiel van het peloton. Het lukt mij niet om verder naar voren te komen. Fietsen in de staart kost erg veel energie, na iedere bocht is het aanzetten om de aansluiting te houden. Dat kost veel kracht en als na 31 van de 35 rondes de renner voor mij het peloton laat lopen ben ik zo moe gestreden dat ik het gat daarvoor niet meer dicht krijg.

Ik ben pissig op mijzelf, lossen in de finale. Stommeling! Zelfs dat geeft me niet de extra adrenaline om de aansluiting te vinden. Dan gaat het snel. Voor ik het weet zie ik de kopgroep naderen en ook het peloton loopt snel op mij in.

Ik zie het nutteloze van doorrijden in en stap af. Mijn teller geeft een gemiddelde van 44km/u aan, 6 sneller dan de koers van vorige week. Het klasse verschil tussen A en B.  Ik baal verschrikkelijk dat ik de koers niet uitgereden heb, maar ben blij dat ik zo lang het tempo heb kunnen volgen.

Ondanks alles voelen mijn benen weer beter. In een komende koers moet ik dat kunnen verzilveren. Dat zal nog wel even duren. Morgen een toertocht in België, volgende week naar Spanje. Pas half april staat de volgende wedstrijd op het programma.

Koers!

March 25th, 2010

Afgelopen zaterdag was het voor het eerst echt koers. Alles daarvoor was training, waar het gemoedelijk aan toe gaat.

In de kleedkamer is het al te merken, veel stille mannen en wat renners die vol bravoure hun zenuwen de baas proberen te worden. Spanning, omdat dit de eerste wedstrijd van het jaar is. Ook ik voel dat, de zelfverzekerdheid van de afgelopen wedstrijden is de hele ochtend ver te zoeken.

Al in de eerste rondes is te merken dat iedereen vol spanning zit, er blijven groepjes weg rijden uit het peloton, een zenuwachtige koers. Vast besloten mij niet te laten verrassen zit ik voorin het peloton en ben een paar keer weg. Maar steeds niet met het juiste groepje. Geen samenwerking of geen snelle mannen. Pas na 25 minuten is de ontsnapping van de dag een feit, en ik zit er niet in.

Zodra ik dat zie draai ik de gashendel open. Met nog een man springen we weg, aangemoedigd vanaf de kant rijden we heel langzaam het gat met de kopgroep dicht. Pas na twee rondes vinden we op het rechte stuk, tegen de wind in, de aansluiting met het laatste wiel. Juist op het moment dat de eigenaar van dat laatste wiel de kopgroep laat lopen.

De inspanning was zo groot dat het mij niet meer lukt dat gaatje dicht te rijden en langzaam worden we door het peloton ingelopen. Daar krijg ik de echte klap te verwerken. Teveel energie verschoten en gebrek aan motivatie. Langzaam zak ik door het peloton heen en in de laatste rondes moet ik daar ook lossen.

Een teleurstellend einde van de eerste koers. Maar er komen er nog meer, volgende week in Rijswijk een nieuwe kans!

foto’s: fotokoos.nl en harfoto.nl

Prijzengeld

March 13th, 2010

Deze zaterdag staan er twee ritten op het programma, een toertocht, de Witte Kruis Classic, en een trainingkoers bij RWC Ahoy. Tegelijk, dat kan niet. Ik kies voor Ahoy, kilometers maak ik toch wel.

Op weg naar de koers trap ik weer niet lekker. Ben vermoeid, niet fit en vanmorgen had ik een verhoogde rustpols. Overtraining ligt op de loer. Ik heb geen hoge verwachtingen, meerijden is vandaag het motto.

Om half elf starten dertig man. Het tempo gaat snel omhoog. Ondanks de vermoeidheid kom ik goed mee voorin. Een paar keer kom ik met wat mannen los van het peloton, maar de beslissende slag is dat niet. Na 10 minuten kijk ik om en zit weer in een ontsnapping. Ongemerkt is het peloton achter ons gebroken. Nog even doortrekken en we zijn echt weg.

Veel wind van opzij, we draaien in een waaier. Dat is organiseren en voor mij in korte tijd veel leren. Ik kies het wiel van een ervaren renner en na wat rondes krijg ik het door. Ondertussen dubbelen we al de eerste resten van het peloton.

Zo koersen we het uur vol, met steeds minder renners in de kopgroep, tot we met zes over zijn. De laatse vijf rondes gaan in.

Geleerd van vorige koersen verstop ik mij achterin. Niet te vroeg op kop komen. Maar ook dat is gevaarlijk. Nog een ronde te gaan en vooraan trekt een renner door. Dat zie ik te laat. Vier man rijden weg en hoe hard rij, ik verlies de aansluiting.

Plaats vijf is niet voldoende. Ik kruip over mijn stuur, spieren schreeuwen het uit, longen branden en heel langzaam komt het achterwiel van renner vier in zicht. De laatste rechte lijn en met alles dat ik nog in mij heb haal ik 30 meter voor de streep nummer vier bij. Nog twee pijnlijke trappen en ook nummer drie is er aan.

Met wiellengte voorsprong sprint ik over de meet. Derde, mijn beste klassering ooit in een wegkoers. Het eerste prijzengeld voor Warchild is binnen.

foto’s : fotokoos.nl

Leercurve

March 6th, 2010

Het is te merken dat ik nog niet veel koersen heb gereden. Vandaag maakte ik dezelfde fout als vorige week.

Om half 11 staan er 25 man aan de start bij RWC Ahoy, om in een trainingskoers van 1 uur en 3 ronden uit te maken wie het beste tegen de wind in kan fietsen. Er staat een straffe oostenwind waardoor het koud aanvoelt.

Niet van plan achter een kopgroep aan te moeten jagen probeer ik zo veel mogelijk voorin het peloton te rijden, om aan de goede kant te zitten als het peloton breekt. De eerste ronde schiet de vaart er al in. Ik probeer een paar keer weg te komen met een groepje, maar de wind verhinderd dat. Zodra de wind op de kop komt schuift het peloton weer in elkaar.

Voorin rijden gaat me makkelijk af en ik zie daardoor niet wat er achter ons gebeurt. Of we zijn weggereden of het peloton gebroken is weet ik niet, maar plots zijn we met een groep van 10 man over. Alweer in de kopgroep, dat voelt goed.

Organisatie is ver te zoeken en veel mannen verzaken als ze op kop moeten. Toch houden we een goede voorsprong en dubbelen we het peloton al halverwege de koers.

Vier rondes voor de finish ontsnapt er een Ahoy renner en neemt 200 meter afstand. Twee rondes voor het eind probeer ik dat gat dicht te rijden. Dom, dat lukt natuurlijk nooit. Ik krijg 50 meter ruimte, maar dat is dan ook alles. Na een ronde ploeteren komt het restant van de kopgroep over mij heen en ben ik zo moe gestreden dat ik ze laat lopen.

Dezelfde fout, weer teveel gegeven in de laatste rondes. Misschien dat ik er nu wel van leer. Toch erg tevreden, mee kunnen koersen in de kopgroep en als 6de over de streep.

foto’s: volgen nog.

Begonnen

February 27th, 2010

Het is weer begonnen. Op de dag dat de profs starten in de Omloop het Nieuwsblad staat mijn eerste koers van het jaar op het programma. Trainingswedstrijd bij RWC Ahoy, een natte en winderige koers, zoals het hoort in het vroege voorjaar.

Op weg naar Rotterdam draai ik niet lekker, hoge hartslag en lage snelheid. Er staat een stevige zuidwesten wind en het regent. Ik verwacht dan ook weinig en start achteraan. De eerste ronde blijft het rustig. Het peloton draait een kalm rondje over het natte parcours.

Dan slaat de vlam in de pan. Vooraan trekken een paar renners door en ik zie het peloton breken. Dit zou direct de slag kunnen zijn en vol tegen de wind rij ik langs het peloton en kom op kop.

De kopgroep rijdt 100 meter voor mij uit, een man of 15. Meter voor meter rij ik het gat dicht, het peloton achter me latend, met een renner in mijn wiel die niet wil overnemen. Na een halve ronde is het gat nog maar 20 meter. Mijn benen lopen vol en de afstand blijft 20 meter. Opgeven speelt door mijn hoofd, in het peloton eindigen is ook niet verkeerd. Een halve ronde verder zet ik voor een laatste keer aan. Rug gekromd en over mijn stuur gebogen slinkt het gat. Ik sluit aan bij de kopgroep.

De komende rondes laat ik mij nat worden door het spatwater van het laatse wiel, ik verzaak mijn beurten en neem rondes de tijd om te herstellen.

Langzaam dunt de kopgroep uit. 15 man, 9 man, we blijven met 7 over. Af en toe draai ik mee op kop, maar niet teveel. Dat is ook niet nodig, we hebben een riante voorsprong op het peloton.

Vier rondes voor de finish dubbelen we het peloton. Even een onoverzichtelijke situatie, maar de ronde daarop wordt het peloton uit koers genomen en mogen wij op een leeg parcours gaan uitmaken wie er wint. Ik trek door, maar raak niet weg. Net als ik wat terug zak springt er een renner weg. Ik heb net op kop gezeten en heb daar mijn beste krachten verspeeld. Ik zie 6 man wegrijden en kan niet aanhaken.

In de laatste bocht gaat een van de zes renners voor me nog onderuit, zodat ik nog als 6de kan finishen. Totaal onverwacht een erg goede koers gereden.

Op tijd thuis om Flecha op erg sterke manier te zien winnen in de Omloop. Een mooie en verdiende winst.

foto’s: harfoto.nl en fotokoos.nl

Wachten

February 21st, 2010

Het blijft wachten op het voorjaar. Zaterdag om 9 uur op de fiets op weg naar RWC Ahoy voor een trainingskoers. Na Rijswijk werd de weg wit, tussen Delft en Rotterdam glad en gearriveerd bij Ahoy bedekte een verse laag hagel het parcours. Koers afgelast, zoals de afgelopen weken. In de kantine ging het verhaal dat in Dordrecht wel gekoerst werd, maar mijn dagprogramma liet een reis naar De Mol niet toe.

Terug naar huis wat intervallen, als surrogaat voor de gemiste wedstrijd. Zondag een lange duurtraining met V.. Stukken kouder zonder de zon van zaterdag. Kou en tegenwind zorgden dat ik stuk gereden thuis kwam.

Het KNMI voorspelt voor komende week eindelijk temperaturen boven nul, met wat geluk gaat het komende zaterdag lukken om mijn eerste wegwedstrijd van het jaar te rijden.

Rust

February 8th, 2010

In de overgang van veld naar wegseizoen heerst de rust. Twee weken niet al te intensief fietsen.

Ondertussen zijn de trainingswedstrijden alweer begonnen bij Ahoy. Aanstaande zaterdag, 10.30u zal ik eraan moeten geloven. De eerste koers van het jaar. De rust is over, er gaat gefietst worden.

De laatste dagen het boek “Renner willen worden” van Karl Vannieuwkerke gelezen. Leest lekker weg en is bovendien een erg goede motivatie om aan het seizoen te beginnen. Krijg echt zin om te koersen van dat boek. Een aanrader!

Clubkampioenschap

February 1st, 2010

Samen met 3 andere verenigingen startte ik  zaterdag  in het Gaul! clubkampioenschap cyclocross, in Amsterdam.

Na een aanval van het Norovirus de dagen voor de wedstrijd sta ik niet helemaal fit aan de start. Maar de laatste veldrit van het seizoen, die laat ik niet lopen. Een aardig opkomst, er staan 40 renners aan de start. Ik tel 8 Gaulisten. Uiteindelijk blijken het er 9 te zijn.

Vijf minuten voor de start wordt er opgesteld en schuiven de andere verenigingen naar voren, de zwart-gele brigade houdt zich wat op de achtergrond. Ik niet, iedere plek in de start is meegenomen.

De start is onverwacht en informeel. Geen startschot, geen fluitje. Twee minuten voor de afgesproken tijd klinkt plotseling “Heren, u kunt vertrekken”. Hier totaal niet op voorbereid mis ik de start. Dat kost me plekken.

Bij de eerste bocht neem ik de schade op. Ik zie geen Gaul! renners voor me. Ondanks mijn plek in de achterhoede rij ik op de eerste plek. Dat hou ik maar een halve ronde vol, dan wordt ik ingehaald door de secretaris van onze club, Albert Kraaij. Zijn techniek is beter en dat betaald uit op dit technische parcours.

De omloop lijkt wel wat op het WK, dat de dag daarna wordt gereden. Een aantal hard bevroren stukken met gladde bochten, maar ook zompige modder. Na twee weken niet veldrijden ben ik wat techniek kwijt en heb ik de eerste helft van de koers moeite goed te sturen. Pas in de laatste helft kies ik de juiste sporen en gaan de bochten beter.

Half koers word ik voor de eerste keer gedubbeld. Met gemak wordt ik voorbij gereden door een ZZPR renner. Met een geel rugnummer, het rugnummer van Gaul!. Ik rij op plaats drie in plaats van twee. Dat maakt de MTB’er direct achter mij tot een bedreiging voor het podium.

Ik probeer wat ruimte te winnen, neem teveel risico en gecombineerd met vermoeidheid rij ik me vast in de modder. De MTB’er komt me voorbij.

Plaats vier, daarvoor ben ik niet naar Amsterdam gekomen! De rondes erop wordt de afstand tussen ons langzaam kleiner. Niet te snel, ik wil adem overhouden voor een beslissende slotronde.

Half in een ronde hoor ik de bel gaan, de koploper begint aan de laatste ronde. Dan hebben wij er nog anderhalf te gaan. Tijd om door te rijden. Op de modderstrook mis ik het juiste spoor. Ik spring deze koers voor het eerst af en schouder mijn fiets. Dat gaat verassend goed. Een paar grote stappen en ik zit bijna in het wiel van de MTB’er.

Een paar honderd meter verder rijden we over de finish en tot grote verbazing zegt de jury in de microfoon: “Heren , bedankt, het zit erop”. Wat nou, het zit erop? We moeten nog een ronde, de ronde waarin ik mijn derde plaats in het kampioenschap veilig ga stellen. Ik zeg tegen mijn naaste belager dat ik zeker nog een ronde rij en fiets door. Hij springt ook weer op de fiets, maar het verschil is al te groot.

Ik rij de laatse ronde uit, als ik later de uitslag zie sta ik inderdaad op de derde plek. Het voelt wat als een gestolen overwinning. Toch weet ik dat ik in de laatste ronde het verschil dicht had kunnen rijden en deze plek echt van mij is.

De volledige uitslag:
1. Geert van der Horst
2. Albert Kraaij (op 1 ronde)
3. Ronald van Herp (op 1 ronde)
4. Ronnie Takens (op 2 ronde)
5. Martijn Peek (op 2 ronde)
6. Peter Lelijveld (op 2 ronde)
7. Danny Bekker (DNF)
8. Rene van Ravenzwaaij (DNF)
9. Mark Touwen (DNF)

foto’s: Jørgen van Bers

Top 10

January 19th, 2010

De laatste cross van het seizoen, bij Ahoy in Rotterdam. De inzet is hoog, ik heb een paar punten nodig om in de top 10 van het algemeen klassement te komen. Aan de support zal het niet liggen, ik wordt goed aangemoedigd vanaf de kant.

De sneeuw van afgelopen week is gesmolten, een dun laagje modder bedekt een keiharde ondergrond. Het is glad, maar de modder geeft goed grip en ik ga makkelijk over het parcours. Een vlakke omloop, gras en draaien en keren in bosjes. Na veertien crossen is mijn techniek verbeterd, dat levert weinig problemen op. Deze omloop ligt me wel.

Later in de koers, als ik de echte snelle mannen zie rijden merk ik dat mijn progressie relatief is, zo makkelijk als zij de bochten doorgaan vraagt nog veel training.

Na de start is het dringen om op een goede plek het veld in te komen. Dat gaat mij goed af. De eerste ronde weet ik de aansluiting met een grote groep te houden. Samen met de geschreeuwde aanmoedigingen aan de kant genoeg motivatie om vol door te rijden.

Toch moet ik het peloton laten rijden en kom samen met wat andere mannen in een groepje terecht. Het draait lekker door en na twee rondes komen we de eerste gelosten uit de groep voor ons al weer tegen. Achter mij vindt de te laat gestarte L. ook aansluiting en samen rijden we goed door. Het geeft een kick om in een sneltreinvaart langs andere renners te stomen, alsof ze stilstaan.

Tot ik zelf ook stil sta. In een glibberige bocht glij ik uit een spoor, hou de fiets niet meer onder controle en kom met mijn schouder tegen een boomstam tot stilstand. Die seconde stilstaan is voldoende voor een gat van 100 meter.

De ronde daarop staat in het teken van inlopen. Op de lange rechte grasstroken lukt dat goed, meter voor meter zie ik het blauw witte shirt van L. dichterbij komen. Net als ik de aansluiting maak glij ik onderuit.

Weer is er een gat van 100 meter. Ondertussen heb ik renners gedubbeld (sorry Bruco), maar ook ik ben gedubbeld door de kopgroep. Het veld wordt onoverzichtelijk. Ik hoor mannen achter mij naderen, maar weet niet of zij mij gaan dubbelen of dat dit gelosten zijn die weer aansluiting vinden.

De laatste rondes rij ik net niet de afstand dicht tot de mannen voor mij. Op de streep kom ik in een sprintje 20cm te kort voor plek 17.

Niet dat dit uitmaakt, ik heb niet genoeg punten gereden om een plek in het algemeen klassement te stijgen. Ik strand op plek 11, met twee punten achterstand op de 10de plaats.

Toch was dit de beste cross ooit. Nog nooit zoveel mannen gedubbeld en ingehaald. Een mooie afsluiting van de regiocompetitie. 

Nu nog de afsluiting van het seizoen, de club kampioenschappen in Amsterdam, 30 januari.

foto’s: Kees van der Stoep , Harfoto